“Let op: Deze website is gerestaureerd met behulp van gearchiveerde inhoud. De website eist geen rechten op deze inhoud.”

Op slechts 10 minuten stappen bent je in de ‘achtertuin van Breda’ wat wellicht oneerbiedig klinkt voor een statig bos als het Mastbos.

Met een verleden van Nassause prinsen, maar ook van stropers, sprokkelaars en lichtekooien. Een bos dat zich vijfhonderd jaar na aanleg pas echt begint te ontwikkelen. Oeroude grove dennen vol zangvogels. Zomereiken waaronder het heerlijk wandelen is. Lange lanen, vijvers en vennetjes. Het Mastbos: een deftige oude dame in haar tweede jeugd.

Het Mastbos is het oudste productiebos van Nederland. Het leverde hout voor de bouw van het kasteel van Breda en voor de schepen van de Spaanse vloot. Later voor de Limburgse mijnen en de verdedigingswal van de Duitsers. Die oude gebruiksfunctie geeft het bos nu nog z’n charme. Het is opgedeeld in vlakken en doorkruist door lange lanen, die het karakter van eeuwigheid ademen. Ze geven het bos iets deftigs, als een voorname oude dame.

Mastbomen
Het Mastbos dankt zijn naam aan de vele grove dennen, die vroeger ‘mastbomen’ werden genoemd. Ze zijn vijfhonderd jaar geleden geplant als Duits dennenzaad, in opdracht van de Heren van Breda. Oud, maar nog lang niet versleten. Met breed uitgegroeide kronen en vlammende schors. Geliefd bij vleermuizen, allerlei spechten en bovenal bij de bosuil.

Zwaargewicht
Het moet gek lopen, wil je hier geen buizerd tegenkomen. De zwaargewicht onder de roofvogels van Nederland. Meer grappig dan gevaarlijk. Hij probeert te bidden als een torenvalk, maar is daar veel te lomp voor.
De buizerd vangt wormen als een merel, maar beduidend minder elegant. Dan strompelt hij onhandig over een akkertje en valt voortdurend op z’n snavel. Misschien zit de buizerd daarom wel vooral filosoferend op een paal in het weiland.